Starterslift OverbruggingsLening start-ups in 25 gemeenten in Midden- en West-Brabant

Veelbelovende startups in Midden- en West-Brabant die hard geraakt zijn door de gevolgen van het COVID-19 virus kunnen tijdelijk een aanvraag doen voor een overbruggingsfinanciering van maximaal € 50.000. Deze Starterslift OverbruggingsLening (SOL) is bedoeld voor kansrijke startups en scale-ups waarin al veel is geïnvesteerd, maar die nog geen of nauwelijks omzet hebben.

De regeling geldt voor startups in de volgende 25 gemeenten:

Midden-Brabant

Dongen, Gilze en Rijen, Goirle, Heusden, Hilvarenbeek, Loon op Zand, Oisterwijk, Tilburg, Waalwijk.

West-Brabant

Alphen-Chaam, Altena, Baarle-Nassau, Bergen op Zoom, Breda, Etten-Leur, Geertruidenberg, Halderberge, Made, Moerdijk, Oosterhout, Roosendaal, Rucphen, Steenbergen, Woensdrecht, Zundert.

Continuïteit

De regionale economische ontwikkelingsmaatschappijen Midpoint Brabant (Midden-Brabant) en REWIN (West-Brabant) hebben momenteel diverse financieringscasussen in behandeling van beginnende bedrijven die niet in aanmerking komen voor COVID-19 ondersteuningsregelingen van de Rijksoverheid, zoals de onlangs geïntroduceerde Corona-OverbruggingsLening (COL) voor leningen vanaf € 50.000. Aangezien zij nog in de startfase zitten, kunnen ze geen terugval in omzet aantonen. Hoewel ze zijn ingeschreven bij de Kamer van Koophandel hebben ze in dit stadium ook niet altijd de hiervoor noodzakelijke status van B.V. En voor kleine rekening courant faciliteiten kunnen zij niet altijd bij banken terecht.

De continuïteit van kansrijke, innovatieve startups die een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan de economische ontwikkeling is hierdoor direct in gevaar. Met als risico dat de jarenlange investering van het universitair en hoger onderwijs en regionale overheden in kennisintensieve innovaties snel in rook kan opgaan. Hetzelfde geldt voor de business development ondersteuning van deze startups door Braventure en de pre-seed financieringen door het Starterslift Investments Fonds en het Brabant Startup Fonds.

Met de Starterslift Overbruggingslening krijgen startups en scale-ups met een financieringsbehoefte onder € 50.000 de gelegenheid om deze moeilijke coronatijd te overbruggen en door te bouwen aan een perspectiefvolle toekomst.

Voor deze Starterslift OverbruggingsLening hebben de Gemeente Breda en de Provincie Noord-Brabant ieder al € 250.000 ter beschikking gesteld. De Gemeente Tilburg onderzoekt of zij een zelfde bijdrage gaat leveren. Het fondsbeheer, de investeringsprocedure en de afhandeling van de aanvragen lopen via het Starterslift Investment fonds. SOL kan snel starten, omdat voorfinanciering vanuit het Starterslift Investment fonds beschikbaar is.

Indienen aanvraag

SOL-aanvragen kunnen ingediend worden van 3 juni tot en met 31 oktober 2020. De omvang van de lening ligt tussen € 5.000 tot € 50.000. De startup moet gevestigd zijn in West- of Midden-Brabant of  ingeschreven zijn als student of werknemer bij Tilburg University, Avans Hogeschool of Breda University of Applied Sciences. De startup die de lening aan wil vragen, neemt contact op met het ondernemerscentrum van een van deze onderwijsinstellingen of met Midpoint Brabant of REWIN. Zij bieden begeleiding bij de aanvragen.

Meer informatie is te vinden op de website van Starterslift. Hier staan ook alle voorwaarden van de Starterslift OverbruggingsLening beschreven.


20 potentiële samenwerkingen in 2e ronde BioVoice innovatie & business booster programma

Uit een preselectie van 32 deelnemers zijn maar liefst 20 mogelijke samenwerkingen naar voren gekomen bij de BioVoice innovatie & business booster. De deelnemende mkb-bedrijven en startups hebben hun biobased of circulaire oplossing voor een concreet probleem voorgelegd aan hun challenger bedrijven. De partijen werden daarbij ondersteund door BioVoice coaches.

De challenge weeks in september zijn de volgende fase. De overgebleven deelnemers gaan dan verspreid over vier weken enkele dagen intensief aan de slag om een innovatiecontract te verdienen met een van de participerende grootbedrijven en ‘launching customers: Cargill, Dow, Cosun, SABIC of Capi Europe. Vervolgens start het ontwikkeltraject, waarbij BioVoice financiële steun (met vouchers) en blijvende coaching en begeleiding biedt.

BioVoice heeft als doel om de biobased en circulaire economie in de regio te versterken door nieuwe kennis en techniek in een stroomversnelling te brengen en tot waarde te maken. De initiatiefnemers zijn REWIN West-Brabant, Green Chemistry Campus, Provincie Noord-Brabant en Rabobank. Partners voor de programma uitvoering zijn Midpoint Brabant, Dockwize, Impuls Zeeland en Centre of Expertise Biobased Economy. BioVoice is mede mogelijk gemaakt door een financiële bijdrage van de Regio Deal Midden- en West-Brabant.

Voor vragen kun je contact opnemen met programmamanager Bob Houpst. telefoon 0614314825, mail b.houpst@rewin.nl

Voor meer info, zie de website van BioVoice.


Slimme camera’s voor slimme logistiek in Tilburg

Hoe kun je data gebruiken voor het voorspelbaar maken van logistieke planning?

Voor het project Data Science voor Logistieke Innovatie (DALI) kwam de startup Sentors in contact met Midpoint Brabant voor een project bij Barge Terminal Tilburg (BTT Multimodal Container Solutions), onderdeel van GVT Group of Logistics. Ook wel bekend van de grote rode kranen op de industrieterreinen Loven en Vossenberg. Hier worden containers van grote schepen en treinen uit Rotterdam, Polen en China overgeladen op binnenvaartschepen of vrachtwagens voor verder vervoer.

Sander Maas van Sentors vertelt hoe zijn bedrijf beeldherkenningssoftware inzet voor geautomatiseerd inchecken van containers aan de poort. Op een slimme, laagdrempelige en kostenefficiënte manier.

Bekijk hier de video.

Dit is een video in een reeks van cases over de logistieke regio Tilburg-Waalwijk, die onlangs voor het tweede jaar op rij is gekozen tot Logistieke Hotspot van het jaar (2019 én 2020). 


5G-netwerk is cruciaal voor smart maintenance

Dit artikel is een publicatie van World Class Maintenance.

We zitten in een spannende tijd, zegt salesmanager Peter Goeijers van Ericsson Telecommunicatie. Logischerwijs doelt hij niet op de coronacrisis. Goeijers heeft het over de impact van het nieuwe mobiele communicatienetwerk 5G. Die is namelijk net zo fors als de introductie van de staalindustrie en automatisering dat eerder waren, zegt hij. “5G zal onze manier van werken veranderen.”

“5G is een key enabler voor industry 4.0 en daarmee ook voor smart maintenance”, vult directeur Loet Pessers zijn collega aan. Ericsson heeft zich vorig jaar aangesloten bij WCM en is deelnemer in Fieldlab Campione.

5G testlab in Rijen

Fieldlab Campione en Ericsson zijn buren op de Rijense Gate2-campus. Goeijers zoekt graag de samenwerking met de markt en dat kan prima met Campione, legt hij uit. “Voor ons is de komst van 5G de grootste verandering sinds de introductie van het mobiele netwerk. We hebben op de campus hier een stand alone 5G testlab gebouwd en dat is best uniek in Europa. Dat rollen we nu uit naar Campione, zodat bedrijven en studenten daarmee kunnen experimenteren en zich zo kunnen voorbereiden op de toepassingen die komen.”

Draadloze sensoren

4G, de huidige standaard, gaat vooral over connectiviteit en het versturen van data van A naar B. 5G gaat veel meer over het faciliteren van cloud computing, hoge overdrachtssnelheden en een grotere betrouwbaarheid van het netwerk. Pessers: “En over draadloze sensoren, want je kunt heel veel sensoren plaatsen op een kleine oppervlakte in bijvoorbeeld een chemische installatie of een fabriek. Al die sensoren leveren veel data op en die moet je uitlezen en analyseren. 5G maakt dat mogelijk en faciliteert zo smart maintenance. Een fabriek omstellen wordt bovendien eenvoudiger, omdat die kabels niet nodig zijn. En het nieuwe netwerk heeft ook nog eens een hogere mate van security dan wifi, dat nu veel wordt gebruikt.”

Lagere latency

Het nieuwe mobiele netwerk werkt met een lagere latency (de vertragingsduur in de communicatie tussen apparaten) dan het huidige. Bij 5G worden de gegevens in één milliseconde verzonden, terwijl dit bij het 4G-netwerk vijftig milliseconden duurt. Goeijers: “Een cruciale verbetering die veel mogelijkheden biedt voor nieuwe toepassingen. Je kunt bijvoorbeeld een technisch expert op afstand live mee te laten kijken zonder beeldvertraging. Een algemeen opgeleide onderhoudsmonteur kan met die hulp op afstand een specifieke taak uitvoeren.”

Nieuwe generatie technici

Bedrijven die bij willen blijven in de internationale concurrentiestrijd doen er goed aan om 5G te omarmen, zegt Goeijers. “In veel sectoren lopen het vakmanschap en de specialistische kennis terug, onder meer door de vergrijzing. De complexiteit van systemen neemt ondertussen toe. De nieuwe generatie technici heeft die jarenlange expertise vanzelfsprekend niet en krijgt ook de tijd niet om die kennis op te bouwen. Ze is wel gewend om met nieuwe, digitale tools om te gaan. Met een tablet de status van een installatie uitlezen, bijvoorbeeld. Of sensordata uitlezen en analyseren, zodat je onderhoudstaken op het juiste moment uitvoert, in plaats van te vroeg of te laat. Zaken waarbij 5G belangrijk is.”

De veiling van de 5G-frequenties moet nog plaatsvinden en het is nog niet helemaal duidelijk hoe een en ander straks in de praktijk gaat, zegt Pessers. Operators zoals T-Mobile, VodafoneZiggo en KPN zijn in principe de eerste aanspreekpunten voor bedrijven die met nieuwe toepassingen aan de slag willen en daarvoor het 5G-netwerk nodig hebben. Gesloten netwerken voor specifieke bedrijven behoren ook tot de mogelijkheden. Operator KPN is overigens ook WCM-lid en partner in Fieldlab Campione. Pessers: “Samen geven we bedrijven de mogelijkheid om producten te ontwikkelen met behulp van 5G. Wij zijn aanjager en facilitator. Het go-to-market model is weliswaar nog onduidelijk in afwachting van de licenties en de eventuele beperkingen die daarmee samenhangen, maar wij zijn er in ieder geval klaar voor.”


Pionieren in proeftuin logistieke hotspot tilburg

Dit artikel is een publicatie van Make it in Tilburg.

Innoveren - iets nieuws ontdekken dat je bedrijfsproces significant verbetert - is vaak een oplossing die je je nu nog niet voor kunt stellen. En dat maakt innoveren interessant, maar ook spannend. Zeker in de logistieke sector, waar marges flinterdun zijn. Een sector die in Tilburg- Waalwijk - voor het tweede jaar op rij gekozen tot logistieke hotspot nr. 1 van Nederland - een prominente plek inneemt. Juist hier heeft slimmer en efficiënter werken uiteindelijk een weerslag op de gehele (Brabantse) economie. Prijzen voor vervoer van middelen blijven betaalbaar en processen gaan sneller. Van belang voor ondernemers uit andere sectoren, maar ook voor consumenten die steeds vaker online bestellen. Binnen proeftuin DALI (Data Science for Logistieke Innovatie) pionieren ondernemers met innovatie met behulp van data.

Lees het hele artikel op Make it in Tilburg.


Nieuw Gate2 bedrijf Aratos HAPS pioniert met dataverzameling vanuit de stratosfeer

Op 1 mei 2020 tekende Aratos HAPS het huurcontract bij Gate2. Vanuit Rijen werkt het bedrijf aan een high tech platform dat dataverzameling vanuit de stratosfeer mogelijk moet maken. CEO Peter Tjia: “In dit proces staat de eindgebruiker centraal. Daarvoor moeten we steun krijgen en toegang hebben tot een innovatief ecosysteem. Dat is een belangrijke reden waarom we voor deze locatie kozen. Met de aanwezigheid van bijvoorbeeld Koninklijke Luchtmacht en Daedalus Aviation Group is hier veel kennis aanwezig. Ook zoeken wij actief de samenwerking met andere partijen uit de regio op.”

Data verzamelen over wat er op onze aardbol gebeurt is niet nieuw. Denk aan GPS – satellietdata die je in je auto gebruikt om van A naar B te rijden. Of aan drones die beelden verzamelen voor digitale oppervlakte- of terreinmodellen en vliegtuigen die ingezet worden voor surveillance vanuit de lucht.

Wat is het voordeel van de stratosfeer?

Satellieten bevinden zich in de mesosfeer. Passagiersvliegtuigen en drones vliegen in de troposfeer. High-Altitude Platform Station systems (HAPS) richt zich op de laag daartussen: de stratosfeer. Wat is daar het voordeel van? Peter: “Vliegen in de stratosfeer maakt het real time verzamelen van data over grotere oppervlaktes bereikbaar voor veel meer partijen dan dat nu het geval is. Het is minder kostbaar. Je moet het zo zien. Om satellieten te lanceren heb je een raket nodig. En je haalt ze ook niet zomaar naar beneden. In de troposfeer, waar bijvoorbeeld passagiersvliegtuigen zich bevinden, is het dan weer relatief druk. En er is veel luchtweerstand, dus in de lucht blijven kost gewoon veel energie. Dat maakt voor een langere periode achter elkaar monitoren of surveilleren vanuit die luchtlaag lastig. Door te vliegen in de stratosfeer neem je die nadelen weg. Het kost veel minder energie om er te vliegen, en je kunt er redelijk makkelijk komen. Op dit moment wordt deze luchtlaag nog niet echt benut. En wij zien hier een goede businesscase in. Wij geloven echt dat dit wereldwijd impact kan hebben. Daarom pakken we de verdere ontwikkeling hiervan op.”

Hoe kwam Aratos HAPS bij Gate2 terecht?

Aratos HAPS is een dochteronderneming van de Griekse Aratos groep. Hoe kwamen jullie bij Gate2 terecht? Peter: “Het plan voor het High-Altitude Platform Station systems (HAPS) is in Griekenland ontstaan. Voor de verdere ontwikkeling van dit idee bleek Nederland beter geschikt. Uit ervaring weet ik dat je bij dit soort innovaties een samenwerking tussen publieke en private sector nodig hebt. En draagvlak, zodat je weet dat wat je ontwikkelt straks ook echt omarmd wordt. In de regio Midden-Brabant gebeurt veel op het gebied van aerospace. Denk aan de luchtmacht, maar ook aan een bedrijf als Daedalus Aviation Group. Hier zit bijvoorbeeld ook het Air Mobility Training Center van Defensie. Via de BOM kwam ik in contact met Midpoint Brabant en met programmamanager Pierre van Kleef. Door het kennisaanbod van andere bedrijven op de campus is dit voor ons de perfecte plek. Je loopt toch sneller bij elkaar binnen als je vanuit hetzelfde pand werkt. En we zoeken nadrukkelijk de lokale samenwerking op met zowel publieke als private partijen uit de regio.”

Wat gaat de komende tijd bij Gate2 gebeuren?

De ruimte die Aratos HAPS huurt, moet nog ingericht worden. Wat gaat hier de komende tijd gebeuren? Dick van Druten is managing director bij Kylla. De investeringstak van het bedrijf Kylla Capital Partners BV, is mede aandeelhouder van Aratos HAPS. Dick vertelt: “Samen met Paul van Kempen, directeur van aerospace en hightech specialist KEC BV, maken we een feasibility scan. Dat is het startpunt voor verdere ontwikkeling: een grondstation, software, een object dat de lucht in gaat en sensoren. En welke data is het meest interessant? Dat onderzoek doen we samen met de klant. Dus niet: wij bedenken iets moois, en vervolgens is er niemand die het wil hebben. De wensen van klanten zijn sturend in dit proces. We werken nu bijvoorbeeld al samen met de stad Parijs, voor warmte monitoring. Uiteindelijk willen we industrial lead worden: een aanjager van innovatie op dit vlak. In eerste instantie zal onze ruimte op Gate2 bedoeld zijn als een ontmoetingspunt en project office, op den duur is het ook de bedoeling dat we hier gaan bouwen. Over 12 tot 18 maanden zijn we dan als het goed is klaar om de lucht in te gaan voor een maiden flight.”

Aratos Group is in 2003 opgericht in Griekenland. Het bedrijf heeft wereldwijd ondernemingen. Sinds 2017 zijn ze ook actief in Nederland. Peter Tjia is CEO van de vijf Nederlandse ondernemingen, waaronder Aratos HAPS BV. Deze bedrijven zijn gespecialiseerd in slimme IT-oplossingen – zoals downstream processing en blockchain – gericht op onder meer binnenlandse veiligheid, medische toepassingen en overheidsdata. Kylla Corporate Transactions is in 2002 opgericht in Amsterdam. Het bedrijf bemiddelt tussen ondernemers en investeerders wereldwijd. Daarnaast financiert Kylla projecten vanuit haar investeringstak, zoals Aratos HAPS.


Gate2 lanceert nieuwe website met Smart Industry projecten

Gate2, de Smart Industry hub van Midden-Brabant, heeft een nieuwe website waarop ze haar vele innovatieprojecten etaleert. Deze gaan over drie kerngebieden van de moderne maakindustrie: productietechnologieën, simulatietechnologieën en data- en communicatietechnologieën.

Innovatie hotspot

Gate2 in Rijen, tien jaar geleden opgericht op initiatief van Midpoint Brabant, is inmiddels dé innovatie hotspot voor het industrieel mkb in de regio. Met en voor deze bedrijven ontwikkelen en testen vele organisaties hier samen met kennisinstellingen ‘smart’ pilotprojecten en businesscases. Tevens verzorgt Gate2 gecertificeerde opleidingen, waaronder voor lijmtechnieken, metallurgie, materiaalonderzoek, 3D printing, composietmaterialen, niet-destructief onderzoek en voorspelbaar onderhoud.

Ook is Gate2 een internationale toplocatie voor simulatietrainingen voor de luchtvaart en industriële innovatieprojecten. Het project CAMPIONE is uitgegroeid tot hét platform voor Smart Industry, voorspelbaar onderhoud en Augmented en Virtual Reality. In toenemende mate richt Gate2 zich op projecten met nieuwe ‘smart’ data- en communicatietechnologieën. De samenwerking met ‘buurman’ Ericsson biedt veel perspectief voor de toekomst, zeker nu ze op de Aeroparc campus in Rijen een infrastructuur heeft opgezet om diensten en industriële toepassingen met 5G mogelijk te maken.

Onder het motto Connecting Innovators verbindt Gate2 vele moderne technologieorganisaties en onderwijs- en kennisinstellingen met elkaar. Tot welke innovatieprojecten dit heeft geleid, vind je hier op de nieuwe Gate2 website.

Wil je meer weten over de projecten van Gate2 of wil je sparren over een veelbelovend Smart Industry project? Neem dan contact op met Pierre van Kleef, directeur Gate2 en programmamanager Midpoint Brabant Smart Industry. Telefoon: 0653715860. Mail: pierrevankleef@midpointbrabant.nl.

 


Midpoint Brabant impactpartner Tilburg University Challenge

Midpoint Brabant fungeert als hét economisch samenwerkingsprogramma van Midden-Brabant en is zodoende schakel tussen onderwijs, overheden, bedrijven en maatschappelijke organisaties. Met die gedachte in het achterhoofd verbindt Midpoint Brabant zich als impactpartner aan de Tilburg University Challenge. 

De Tilburg University Challenge is een innovatie- en ondernemerscompetitie waarbij alle studenten van de Tilburg University de mogelijkheid krijgen om in co-creatie met het regionale bedrijfsleven hun ideeën en innovaties te pitchen en verder te ontwikkelen. De kick-off met ideation is op 23 september, op 1 en 8 oktober vinden verdiepende workshops customer discovery en customer validation plaats en op 15 oktober zijn er speed dates waarbij experts studenten van de top 40 projecten uitdagen om deze nog verder te verbeteren. De climax is de Grand Finale op 12 november met 20 pitches voor een jury van deskundigen.

Midpoint Brabant ondersteunt dit initiatief om ondernemerschap en innovaties in de regio Midden-Brabant te stimuleren en onderdeel uit te maken van dit bijzondere ecosysteem van ondernemende studenten, onderwijs en bedrijfsleven. In lijn met deze gedachte vinden de workshops plaats in Station88 in de Spoorzone. Samen met gemeente Tilburg is Midpoint Brabant founding partner van dit Huis voor Ondernemerschap en Innovatie. Station88 is dé plek in het hart van Tilburg waar ondernemers uit de regio Midden-Brabant verbinden, groeien en versnellen. Door voor deze doelgroep activiteiten te bundelen, initiëren en faciliteren draagt zij actief bij aan de economische ontwikkeling van de regio Midden-Brabant.

Midpoint Brabant heeft een actieve rol bij de Tilburg University Challenge met coaches die helpen om het idee, het project of de startup naar een volgend niveau te brengen en echte maatschappelijke impact te creëren. Namens Midpoint Brabant heeft directeur Bas Kapitein zitting in de jury van de Grand Finale.

Ben je ook geïnteresseerd in de Tilburg University Challenge en wil je meer informatie ontvangen, neem dan eens vrijblijvend contact op met de organisatie via info@tilburguniversitychallenge.nl of 06-40699935.


Nieuwe website Regio Deal project DALI (Data Science voor Logistieke Innovatie)

De ontwikkelingen en bedrijfscasussen van het project DALI (Data Science voor Logistieke Innovatie) zijn vanaf heden te volgen via een nieuwe website: dali.lcb.nu. DALI is een proeftuin waarin ondernemingen, studenten en professionals in Midden- en West-Brabant de komende drie jaar samenwerken aan achttien casussen voor toepassing van data science in de supply chain.

Data science is voor logistieke bedrijven noodzakelijk om voorop te blijven lopen en te excelleren. Slimmer samenwerken op basis van data dus. De DALI-proeftuin richt zich op, kosten- en efficiencyvoordelen, risicobeperking, omzetverhoging en optimaal inzetten van mensen en middelen. DALI werkt toe naar een open innovatieve community voor kennisintensieve logistiek (Smart Logistics): het bedenken, ontwikkelen, demonstreren en toepassen van nieuwe logistieke werkwijzen.

DALI draagt bij aan het verder uitbouwen van de sterke internationale positie van de regio. Midden-Brabant (Tilburg-Waalwijk) en West-Brabant zijn respectievelijk nummer 1 en 2 Logistieke Hotspot Nederland.

DALI is een van de 17 Regio Deal Midden- en West-Brabant projecten en is mede mogelijk gemaakt door Rijk, Midpoint Brabant, Regio Hart van Brabant, REWIN, Regio West-Brabant, Gemeente Breda en Gemeente Tilburg. Aan het project wordt tevens bijgedragen door het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling in het kader van OPZuid, de Provincie Noord-Brabant, het bedrijfsleven en de DALI-partners. De DALI-proeftuin wordt uitgevoerd onder de vlag van Logistics Community Brabant.

 

 


3d print-lab produceert razendsnel corona-gezichtsmaskers

Als gezichtsmaskers nu zo hard nodig zijn, waarom printen we ze dan niet gewoon? Dat was de gedachte van Heyo Beentje, directeur van het 3DPrintLab op Gate2, toen hij een oproepje van GGD Goes op LinkedIn las. Zo gezegd zo gedaan. Inmiddels werken zeven 3D printers dag in dag uit aan de gezichtsmaskers. En er zijn nog drie nieuwe printers in aantocht. “We verkopen de maskers naast aan ziekenhuizen en zorgorganisaties, ook aan kappers, schoonheidsspecialisten en tandartsen. Zo kunnen zij straks meteen aan het werk, als het weer mag.” In gesprek met Heyo over het ontstaan van 3DPrintLab, over innovatie en over (onontdekte) kansen van 3D printen.

Eigenlijk is het principe heel simpel. Een plexiglazen schermpje met een aantal voorgedrukte gaatjes erin, aan de boven- en onderkant. Daarbij: twee vrolijk gekleurde randen, waar het schermpje op wordt geklikt. En dan nog een elastiek, zodat de gebruiker het masker voor zijn of haar gezicht kan bevestigen. “Alle maskers versturen we zo: los, als bouwpakket”, vertelt Heyo. “Op deze manier beschadigen de spullen minder snel in de post. En onze klanten kunnen ze heel makkelijk zelf in elkaar zetten.” Het verhaal begon dus met een oproepje op LinkedIn. “De maskers wilden we voor een betaalbare prijs produceren. Met onze grote, industriële 3D-printer zou het te kostbaar worden. En daarom kochten we deze kleinere printers. Met de drie extra printers die in aantocht zijn, kunnen we nog meer en sneller printen.”

Iedereen kan klant zijn

3DPrintLab is in 2013 opgericht na een onderzoek in de regio Midden-Brabant. De maakindustrie in de regio was behoorlijk getroffen door de crisis van 2008. Er was behoefte  aan innovatie. 3D printen was toen nog relatief nieuw, en bood mooie kansen. Maar ja, zo’n dure industriële printer schaf je niet even één, twee, drie aan. Zeker niet als je nog niet zeker weet wat je eraan hebt. Op basis van een businessplan trad een aantal bedrijven als aandeelhouder toe. Samen met een crowdfundingactie - die 105.000 euro opleverde - schaften ze een industriële 3D-printer aan. En zo was 3DPrintLab geboren.

Sinds 2017 is Heyo directeur van het lab. Het eerste dat hij deed, was afscheid nemen van de aandeelhouders. Verkoop en besluitvorming verlopen daardoor gemakkelijker. 3DPrintLab vormde hij om tot een commercieel bedrijf. “Als ik op een feestje over het lab vertel, dan zeg ik ook wel: ieder bedrijf zou klant bij ons kunnen zijn. In principe is overal klandizie. Een goede positie dus.” Wel merkt Beentje dat bedrijven zich soms de potentie van 3D printen nog niet goed beseffen. “Een kennis van mij zit in de audiovisuele sector. Hij had nieuwe zonnekappen voor zijn camera’s nodig. Pas toen ik ze hier zelf op proef had geprint, en in de juiste kleur had laten spuiten, was hij ervan overtuigd dat de kwaliteit nét zo goed is als wat hij voorheen altijd liet maken. En in aanschaf is het veel goedkoper.”

Band met Brabant

Ondanks dat 3DPrintLab zonder haar Midden-Brabantse aandeelhouders verder ging, is het bedrijf nog steeds gevestigd op Smart Industry Campus Gate2. “De dynamiek met andere bedrijven hier is heel prettig”, zegt Heyo daarover, terwijl hij zijn kantoor uitloopt. In de ruime hal van Gate2 staat een aantal vliegtuigsimulatoren-in-aanbouw opgesteld, bestemd voor de Chinese markt. “Ze worden geproduceerd door Daedalus, dat ook hier op de campus gevestigd is. Nu printen we regelmatig onderdelen voor hen, bedoeld voor die simulatoren. En dat was niet gebeurd als we elkaar niet hier, op Gate2, hadden leren kennen. Een erg mooie kruisbestuiving, dus.” Heyo Beentje heeft nog zeer geregeld contact met programmamanager Pierre van Kleef van Midpoint Brabant, dat aan de wieg stond van de oprichting van Gate2. Breed glimlachend: “Pierre kent half Brabant. Als hij interessante contacten of bedrijven tegenkomt, dan neemt ‘ie ze gewoon hiermee naartoe. Hij is toch een soort ambassadeur voor ons. Dankzij hem werken we nu bijvoorbeeld aan een prototype voor BB leap - een bedrijf voor vertical farming.”

Liefde voor innovatie

3DPrintLab richt zich niet op één specifieke niche in de markt, vertelt Heyo. De contacten komen nu meestal via via. “Via mijn eigen netwerk, via Pierre, of via andere contacten die ons kennen.” Zo ontwikkelde hij 3D-geprinte elektrische laadpalen en jaren ‘20 straatlampen voor de gemeente Rotterdam, ontbrekende zwembad onderdelen voor een rijkaard op Ibiza en allerlei Corona gerelateerde non-touch oplossingen voor retail. “Uiteindelijk houden we ons het liefst bezig met innovatie. En door onze klantenkring breed te houden kan dat ook. Zoals nu, tijdens Corona. Er moet ineens van alles bedacht worden voor bescherming. En ook om aanraking te voorkomen. Dus we werken nu een aan soort stok waarmee je veilig touchscreens kunt bedienen. En we printen deeghaken voor een broodfabrikant die deze voorheen in China bestelde. Doordat de import nu helemaal stilligt, kwam hij bij ons terecht. Nee, we vervelen ons hier nog niet snel.”