Ingram Micro gekozen tot beste e-fulfilment warehousing

Ingram Micro Commerce & Lifecycle Services is gekozen tot beste e-fulfilment warehousing van het jaar 2020. Het bedrijf komt als glorieuze winnaar uit de bus bij de jaarlijkse Emerce 100 verkiezing voor beste bedrijven binnen de e-business branche. Ingram Micro is nauw verbonden met Midden-Brabant, dé logistieke hotspot van Nederland. De organisatie is fulfilment partner van grote (r)e-tailers, zoals bol.com in Waalwijk en de Bijenkorf op het bedrijventerrein Kraaiven in Tilburg.

Ingram Micro is een Amerikaanse onderneming met meer dan 150 distributiecentra in de wereld. De duurzame warehouses van Ingram Micro vormen de hartslag van het logistieke proces van ontelbare online bestellingen in Nederland. Het bedrijf innoveert en investeert continu in mensen, machines, gebouwen en software.

Namens de samenwerkende partijen van Midpoint Brabant en Regio Hart van Brabant feliciteren we Ingram Micro hartelijk met deze eervolle benoeming.


BioVoice innovatie & business booster naar nieuwe data

In verband met de coronacrisis is de BioVoice innovatie & business booster verplaatst naar latere data. Uitgangspunt van het BioVoice-programma is de vraag van grootbedrijven naar een biobased of circulaire oplossing voor bestaande problemen. Mkb’ers en startups in Zuidwest-Nederland krijgen de gelegenheid om te reageren op deze challenges. Ze kunnen hiermee een innovatiecontract winnen met een grootbedrijf als ‘launching customer’, inclusief financiële steun en coaching en begeleiding. De grootbedrijven zijn Cargill, Dow, Cosun, SABIC en Capi Europe.

Om zoveel mogelijk ondernemers de kans te geven om deel te nemen zijn de volgende nieuwe data bepaald:

  1. de deadline voor aanmelding gaat van donderdag 9 april naar vrijdag 8 mei 17.00 uur. Als deelnemer heb je zo meer tijd om de challenge te bekijken en de bedrijven hebben ruimere gelegenheid om vragen te beantwoorden;
  2. in de week van 11 mei vindt de selectie plaats. De deelnemers krijgen uiterlijk vrijdag 15 mei te horen wie er zijn geselecteerd voor de kennismaking;
  3. de kennismaking met de geselecteerde deelnemers is in de week van 25 mei (en eventueel in de week van 1 juni), digitaal en deels 1-op-1. De specialisten en juristen van BioVoice behandelen via webinars onderwerpen als geheimhouding en IP, het ecosysteem en praktische zaken rond het programma. Daarnaast vinden er 1-op-1 video calls plaats tussen deelnemer en challenger, onder begeleiding van een BioVoice coach;
  4. de challenge weeks verschuiven naar september. Deelnemers gaan verspreid over een periode van vier weken enkele dagen intensief aan de slag om een innovatiecontact en vouchers te verdienen.

BioVoice heeft als doel om de biobased- en circulaire economie in de regio te versterken door nieuwe kennis en techniek in een stroomversnelling te brengen en tot waarde te maken. De initiatiefnemers zijn REWIN, Green Chemistry Campus, provincie Noord-Brabant en Rabobank. Partners voor de programma uitvoering zijn Midpoint Brabant, Dockwize, Impuls Zeeland en Centre of Expertise Biobased Economy. BioVoice is mede mogelijk gemaakt door een financiële bijdrage van de Regiodeal Midden- en West-Brabant.

Voor vragen kun je de contact opnemen met programmamanager Bob Houpst. telefoon 0614314825, mail b.houpst@rewin.nl

Voor meer info, zie de website van Biovoice.


Fieldlab CAMPIONE 2 is van start

Brabantse Ontwikkelingsmaatschappij (BOM), Midpoint Brabant, REWIN West-Brabant, Stichting Avans en World Class Maintenance zijn gestart met Fieldlab CAMPIONE 2. De recente subsidietoekenning via de Subsidieregeling Regio Deal Midden en West-Brabant Makes and Moves vormt het officiële startsein.

Implementatie Smart Maintenance mkb

Fieldlab CAMPIONE 2 is een doorontwikkeling vanuit het Smart Industry Fieldlab CAMPIONE. Het is onderdeel van en krijgt subsidie van de Regio Deal. Het nieuwe project gaat regionaal mkb (Midden- en West-Brabant) op weg helpen met Smart Maintenance op basis van kennis, ervaring en infrastructuur van CAMPIONE.

Slimmer en duurzamer

Een landelijk gesignaleerd probleem is, dat mbk-bedrijven Smart Maintenance op zich af zien komen, maar niet goed weten hoe ze dit op moeten gaan pakken. Fieldlab CAMPIONE 2 gaat de Smart Industry adoptie en implementatie onder mbk-bedrijven in de regio versnellen. Mkb kan in het fieldlab bij Gate2 in Gilze-Rijen gaan experimenteren met de mogelijkheden van Smart Industry (data science, IoT, VR/AR, robotica) gericht op eigen ingebrachte casussen, waarna de praktische doorvertaling van Smart Industry naar de eigen organisatie makkelijker wordt. Fieldlab CAMPIONE 2 schenkt aandacht aan de harde kant van Smart Industry (technologie en innovatie) en aan de zachte kant (skills) en organisatorische aspecten (o.a. nieuwe business modellen).

Intensieve trajecten met mkb

Avans Hogeschool start intensieve trajecten met (12 tot 20) mkb-bedrijven om ze te helpen met het operationaliseren van Smart Maintenance-toepassingen. Deze trajecten komen communicatief in de schijnwerpers om alle mkb-bedrijven in de regio te informeren en te inspireren om ook aan de slag te gaan met Smart Maintenance.

Voorlichtingsbijeenkomst

De huidige coronamaatregelen zijn al enige tijd een onzekere factor voor de datum van de voorlichtingsbijeenkomst, waarin we het 4 jaar lopende Fieldlab CAMPIONE 2-project toelichten aan de eerste groep mkb-bedrijven. Het bericht over de verwachte datum na de zomer volgt. Neem voor meer informatie contact op met Paul van Kempen, Operationeel Directeur WCM.

Regio Deal MidWest-Brabant

De samenwerkingsprojecten tussen bedrijfsleven, onderwijsinstellingen en overheden zijn er op gericht om de economie van Midden- en West-Brabant slimmer en duurzamer te maken. De innovatieprojecten uit het regiobod richten zich met name op ondersteuning van bedrijven in het mkb. Projecten krijgen vanuit de Regio Deal ondersteuning bij het maken van de goede keuzes voor de toepassing van (nieuwe) materialen en productiemethoden plus de inzet van technologieën (zoals robots) en data.

Fieldlab CAMPIONE 2 is een van de 17 Regio Deal Midden- en West-Brabant projecten en is mede mogelijk gemaakt door:

PHOTEDby Edwin Wiekens Kennisevent


Dutch Technology Week 2020 geannuleerd, datum voor 2021 bekend

Vanwege de verregaande maatregelen die het kabinet heeft genomen i.v.m. de coronacrisis, is besloten om de Dutch Technology Week 2020 niet door te laten gaan. Deze week vol events en feestelijkheden rondom techniek en technologie zou plaatsvinden van 8 tot en met 13 juni a.s.

Deltaplan Techniek, de gemeenten Tilburg, Waalwijk, Loon op Zand en Heusden, en alle andere partijen in Midden-Brabant die zich de afgelopen maanden hebben ingezet om van de editie 2020 een succes te maken vinden het ongelooflijk jammer, maar ieders gezondheid en veiligheid hebben nu de allerhoogste prioriteit.

Er is ook goed nieuws: de datum voor de Dutch Technology Week 2021 is al bekend. Volgend jaar zetten we techniek en technologie extra in de spotlights van maandag 31 mei tot en met zaterdag 5 juni. Zet deze week alvast in je agenda!


Vijf jaar Fieldlab Campione brengt slim onderhoud binnen handbereik

Gestructureerd innovaties voor voorspelbaar onderhoud bedenken, testen en ontwikkelen. Vóór 2015 gebeurde het nog nergens ons land. En dat is eigenlijk heel vreemd. Ontwikkelingen op dit vlak kunnen de Nederlandse industrie namelijk veel geld kan besparen. Voor brancheorganisatie World Class Maintenance (WCM) een goede reden om Fieldlab Campione te starten. Wat leverde het fieldlab tot nu toe op? En wat zijn de nieuwste ontwikkelingen? Met Paul van Kempen (operationeel directeur van WCM en projectleider van Campione) blikken we terug.

Net echt, alsof je zo een fabriek binnenstapt. Op Gate2 - de door Midpoint Brabant geïnitieerde Smart Industry campus in Rijen en vestigingsplek van Fieldlab Campione - staat een proefopstelling van een echte productielijn voor de procesindustrie. Met alles erop en eraan: sensoren, pompen, kleppen. Knipperende lampjes, vloeistof die rondgepompt wordt. “De term ‘conditie afhankelijk onderhoud’ is al ruim veertig jaar oud”, begint Paul. “Maar grote fabrieken - denk daarbij aan de grote chemische hotspots in Nederland - durfden er nog niet aan. Veranderen wilden ze wel, maar pas nadat bij wijze van spreken bij een buurman was aangetoond dat het werkt. Toen besloten we dat we zelf die buurman maar moesten zijn. Dat we een centrale plek voor innovatie moesten creëren. Zo is Fieldlab Campione ontstaan.”

Waarom is ‘just in time’ onderhoud zo belangrijk voor de Nederlandse industrie?

“Wat nu vaak gebeurt in fabrieken is gepland of correctief onderhoud. Dus: we gaan op basis van een planning met onderdelen van de productielijn aan de slag, zonder dat we weten of het al écht nodig is. Daardoor gebeurt het misschien te vaak, en dat kost geld. Bij de andere werkwijze is het andersom: daar ben je te laat. Een onderdeel is kapot waardoor de volledige productielijn stil komt te staan. Ook dat kost weer bakken met geld. Kortom: als je precies weet wanneer onderhoud aan je materialen nodig is, scheelt dat je hoe dan ook een hoop onnodige kosten.”

Toch zijn bedrijven terughoudend in het omarmen van innovaties, vertelde je. Hoe komt dat?

“Dat heeft te maken met risicobereidheid van de industrie. Innovaties kunnen natuurlijk ook mislukken. Die ruimte is daar niet. Dat kost teveel geld, en het kan ook nog eens gevaarlijk zijn. Veel bedrijven werken namelijk met chemicaliën waarmee je zeer voorzichtig om moet gaan.”

En dus is Fieldlab Campione een belangrijke, centrale plek. Hier wordt op een veilige manier ontwikkeld, geëxperimenteerd en getest. Wat gebeurt er precies in Rijen?

“Wat we hier doen is tweeledig. Aan de ene kant onderzoeken we nieuwe mogelijkheden. Dat doen we met kennis partijen, zoals Tilburg University. Zo werken we op dit moment onder leiding van prof. dr. Max Louwerse in een mixed reality lab aan toepassingen van Augmented en Virtual Reality. Aan de andere kant richten we ons binnen dit project steeds meer op ‘Human Capital’. Want het is natuurlijk heel leuk als je allerlei nieuwe toepassingen ontwikkelt, maar als je geen mensen kunt vinden die ermee om kunnen gaan heb je nog steeds een probleem. Daarin is de samenwerking met Avans Hogescholen en ROC Tilburg van belang. Zij hebben Campione vanaf het begin af aan omarmd. Ze hebben een speciaal curriculum voor Campione. Studenten en docenten werken zo één op één mee aan de nieuwste ontwikkelingen.”

Hoe zit het met de partijen waarvoor je het uiteindelijk doet: de procesindustrie?

“Ook zij zijn sinds de start actief betrokken bij Campione. Onder meer Sitech Services, Fujifilm en Tata Steel. En toen na verloop van tijd innovaties het Fieldlab waren ontgroeid, boden zij ruimte in hun fabriek voor pilots in de praktijk. Dat zijn de living labs. Erg mooi om te zien wat daar gebeurt. Niet alleen binnen zo’n pilot, maar ook tussen de pilots. Het zorgt voor interessante kruisbestuivingen.”

Kun je een voorbeeld noemen?

“Fujifilm is een grote speler in de productie van offsetplaten voor de grafische industrie. Maar de markt voor dat soort platen is behoorlijk veranderd dankzij digitalisering. Daarom moeten zij nog scherper zijn op alle kosten. Tijdens de pilot ontdekten we dat data van hun productieafdeling gebruikt kon worden voor ontwikkeling van onderhoudsmodellen. Dat waren dus gegevens die ze altijd al zelf in huis hadden! Met modellen die ze op basis daarvan ontwikkelden, kunnen ze nu realtime volgen hoe de staat van onderdelen in de productielijn is. Is er vervanging nodig, kunnen ze daar precies op het juiste moment op in springen. Door een relatief kleine ingreep, maar met groot effect. Dat trok de aandacht van een andere partner: Tata Steel. Zij onderzoeken nu of dit ook in hun fabrieken werkt. Dat is natuurlijk wat we het liefst zien. Dat inzichten die we bij de één verkrijgen, ook gedeeld worden met andere partijen. Er zijn al mooie business cases in Campione bereikt.”

Hoe gaat het nu verder met Fieldlab Campione?

“Dit jaar zijn we onder de noemer CAMPIONE 2.0 een nieuwe fase ingegaan. We gaan regionaal MKB (Midden- en West-Brabant) op weg helpen met Smart Maintenance op basis van kennis, ervaring en infrastructuur van CAMPIONE. Ook het vorig jaar gestarte skillslab - dus de intensieve samenwerking met Avans en ROC - loopt door om te borgen dat gekwalificeerd personeel beschikbaar blijft. Daarnaast blijven we de proefopstelling bij Gate2 steeds aanpassen en ontwikkelen. Met Ericsson, een belangrijke partner op de campus in Rijen, kijken we naar toepassing van Internet of Things, Big data en mogelijkheden van 5G. En samen met Midpoint Brabant, de BOM en Avans starten we een nieuw traject, waarmee we ons richten op MKB’ers in Brabant. Jaarlijks selecteren we drie tot zes MKB-bedrijven - dat kan gaan van een koekjesfabriek tot aan een leverancier van high tech productielijnen - die we helpen innoveren op het gebied van slim onderhoud. De successen daarvan delen we, om anderen weer te inspireren. En zo hopen we dat smart maintenance zich als een olievlek verspreidt in onze provincie. Zodat iedere ondernemer, groot of klein, mee kan profiteren van de nieuwste en beste mogelijkheden op dit vlak.”

 


Fieldlab Campione is mede mogelijk gemaakt door subsidies vanuit de gemeenten Tilburg en Gilze-Rijen, en door subsidie van OPZuid, provincie Noord-Brabant, Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling en Ministerie van Economische Zaken. CAMPIONE 2.0 is mede mogelijk gemaakt vanuit de Regiodeal Midden- en West-Brabant.

CAMPIONE heeft een groot aantal partners: ABB, Actemium, Avans Hogeschool, Axians, Asset Health Dynamics, BlueTea, Brabantse Ontwikkelingsmaatschappij (BOM), Delta, Dimensys, DOW Benelux B.V., Ericsson Telecommunicatie, Frauenhofer instituut, Fujifilm, Hogeschool Zeeland, Hoppenbrouwers Techniek, IFM, IJssel, IMS International, Inteliments, Interman, International Flavors & Fragrances, KEC, Kennis- en Innovatiecentrum KicMPi, Mainnovation, Midpoint Brabant, Mobile Shutdown Systems, NLR, Pfaudler, Prezent, Rijksuniversiteit Groningen, ROC Tilburg, Sabic, Samure, Schneider Electric, Sitech Services, Tata Steel, Tilburg University, TNO, TU Eindhoven, World Class Maintenance.

Wil je meer weten over ontwikkelingen rond Fieldlab Campione? World Class Maintenance deelt de komende tijd meer resultaten van dit project. Ook organiseert WCM regelmatig bijeenkomsten voor geïnteresseerden, zoals het eindevent Fieldlab Campione op 28 mei 2020. Houd de website van World Class Maintenance in de gaten voor alle updates.

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Lijmacademie al zes jaar succesvol vanaf Gate2

Sinds zes jaar is de Lijmacademie gevestigd op de Smart Industry campus Gate2 in Rijen, met ondersteuning van Midpoint Brabant. Vanaf die plek verzorgt Arnold Knottnerus opleidingen over lijmverbindingen, doet hij onderzoek en zet hij zich in voor certificering van productieprocessen waarbij lijm wordt gebruikt. Waarom is dat nodig? En hoe is het de Lijmacademie de afgelopen jaren vergaan?

Als leek moet je er misschien niet aan denken. Dat sommige onderdelen van het vliegtuig of de auto waar je in zit, met lijm aan elkaar zijn gemaakt. Maar dat gevoel is niet terecht, legt Knottnerus uit.

“Lijm is voor veel materialen net zo’n goede verbinder als bijvoorbeeld lassen.”

Succesformule

In het laboratorium van de Lijmacademie - op de begane grond van Gate2 - laat hij de kern van zijn bedrijf zien. Een ruimte vol met werkbanken, ovens, trekbanken, een afgesloten bak met UV-licht - een soort extreme variant van een zonnebank. In één van de ovens ligt een onderdeel van een laadpaal, voor elektrische auto’s. Het bestaat uit twee onderdelen - plastic op plastic - die aan elkaar zijn vastgelijmd. “Hier testen we wat het effect is van veroudering op de lijmverbinding. Met deze oven zetten we dat als het ware in scène. Zo zie je hoe lang zo’n verbinding meegaat, en of dat een wenselijke termijn is voor de fabrikant.”

Met de trekbanken testen onderzoekers en deelnemers aan de opleidingen van de Lijmacademie hoeveel druk een lijmverbinding aan kan, in de UV-bak wordt het effect van zonlicht gemeten. Maar ook andere omstandigheden, zoals zout water of zilte lucht, worden op allerlei soorten lijmverbindingen uitgeprobeerd.

“Bedrijven komen vaak bij ons terecht met een vraag. Een onderdeel blijft niet plakken: hoe kan dat? Of: welke soort verlijming werkt het best bij deze verbinding? Dat onderzoeken we hier.”

De inrichting van dit laboratorium - herinnert Arnold zich - was een belangrijke aanleiding voor de Lijmacademie om zich op Gate2 te vestigen. Na wat omzwervingen kwam hij hier terecht - zo’n lab, inclusief dure apparatuur en specifieke afzuiging - bekostig je namelijk niet één, twee, drie. “Ik kwam met Pierre van Kleef in contact. Wat ik met de Lijmacademie voor ogen had bleek toen heel goed te passen bij zijn visie voor Gate2”, vertelt Knottnerus. Vanuit zijn rol bij Midpoint Brabant faciliteerde Pierre en stelde hij budget beschikbaar. “Hij heeft me de inrichting van het laboratorium toen volledig toevertrouwd, ik kreeg alle vrijheid. Daardoor sluit het lab nu naadloos aan bij wat we in de praktijk nodig hebben. Alle apparaten die je hier ziet”, zegt hij, terwijl hij om zich heen wijst, “worden stuk voor stuk intensief gebruikt.”

Certificering

Het lastige aan verlijmen is dat je - als twee onderdelen eenmaal aan elkaar zitten - niet meer kunt zien of de verbinding kwalitatief goed is. Daarvoor zou je de onderdelen van elkaar moeten halen. En dat is natuurlijk juist niet de bedoeling. Op de één of andere manier moet je dus van tevoren kunnen voorspellen dat wat je aflevert, van de gewenste kwaliteit is. “Als je dat zeker weet, dan kun je je proces certificeren. En voor certificering is het belangrijk dat er controlemomenten zijn in alle stappen van je productieproces. Daarbij is opleiding van personeel een onmisbaar onderdeel.”

De Lijmacademie biedt die opleidingen. En wel voor alle lagen binnen een bedrijf: van een specialistisch engineer die ontwerpen maakt tot en met mensen op de werkvloer die het productieproces uitvoeren. Opleidingen vinden gepland plaats bij Gate2, of op verzoek bij een bedrijf.

“Belangrijk aan de opleidingen - met het oog op certificering - is dat je met alle lijmsoorten en -verbindingen om kunt gaan. Van heel grove, dikke lijmsoorten tot aan heel fijne soorten voor kleine onderdelen”, legt Arnold uit.

Dat zorgt vaak voor een mooie diverse trainingsgroep. “Dan zit er bijvoorbeeld een stevige, bonkige kerel van een bedrijf dat treinen bouwt naast een kleine dame die minuscule onderdelen in gehoorapparaten verwerkt.” In het begin is dat vak wel even aftasten, weet hij. “Maar uiteindelijk is de interactie goed en leren deelnemers ook van elkaar. Juist door dat verschil in achtergronden.” De Lijmacademie is opleidingspartner van het gerenommeerde Fraunhofer IFAM in Duitsland, en de opleiding zorgt voor internationale certificering. Dus stel dat een treinbouwer die hier is opgeleid naar Amerika vertrekt, dan is zijn certificering daar óók geldig. Trots: “En dat we dat hier kunnen bieden is best wel uniek.”

Potentie van lijmen

In de afgelopen zes jaar is de Lijmacademie flink gegroeid. In totaal leidde Arnold vanuit de campus in Rijen al meer dan honderd lijmspecialisten op, en bijna tweehonderd lijmvakmannen. Hoe ziet hij de ontwikkeling van de Lijmacademie in de toekomst voor zich?

“Ik hoop dat we dan als onderzoeksinstituut worden erkend op een vergelijkbaar niveau als bijvoorbeeld TNO”, begint hij.

Het doen van onderzoek naar lijmverbindingen is - mede dankzij het geavanceerde laboratorium - naast het opleiden een belangrijke focus van de Lijmacademie. Daarnaast hoopt hij dat de potentie van lijmen door de industrie de komende jaren nog beter wordt erkend. “Zeker voor het verbinden van kunststoffen is lijmen heel goed geschikt.” Het is nu vaak nog duwen, vertelt hij, om bedrijven ervan te overtuigen dat lijm de oplossing kan zijn.

“Als het aan mij ligt wordt er in de toekomst nog veel vaker gelijmd. Minimaal zo vaak als dat er nu gelast wordt. Het liefst nog vaker. Met lijm is ontzettend veel mogelijk.”

       


Waterstofcoalitie: “Van willing naar doing”

Binnen de waterstofcoalitie in Midden-Brabant stimuleert de gemeente Tilburg samen met regionale partijen als MOED, Midpoint Brabant en Vollenhoven het rijden op waterstof. Joep Fassaert (Vollenhoven), Michiel de Voogd (Gemeente Tilburg) en Twan van Lankveld (Midpoint Brabant) spreken over de mijlpalen, uitdagingen en ambities van de samenwerking: “We proberen iedereen mee te krijgen, dat is onze rol als coalitie.”

Lang gekoesterde wens

De regionale ambities voor waterstof zijn niet nieuw. Volgens Michiel werd de brandstof al in 2004 genoemd: “We rijden inmiddels al batterij-elektrisch met een deel van onze lichtere voertuigen, maar voor vuilniswagens is dat geen optie. Bovendien krijgt Tilburg in 2025 een nulemissie-zone, en als gemeente moeten we ook aan de toegangseisen voldoen. Met waterstof kan dat, dus nu is het een goed moment om daarmee aan de slag te gaan.”

Daarvoor werkt de gemeente onder andere samen met Vollenhoven (bedrijf in brandstoffen) en Midpoint Brabant. Twan: “We willen het collectief doen. Samen vraag creëren, financiering zoeken, communiceren en in gesprek gaan met truckfabrikanten. Dat kost tijd en individueel ga je sneller, maar samen kom je verder. Zo moeten we het ook allemaal zien, anders gaan we op ons eigen eiland zitten en gebeurt er uiteindelijk niets.”

Midden-Brabant als logistieke hotspot

Dat de waterstofcoalitie juist in de regio Tilburg-Waalwijk actief is, is volgens Twan niet vreemd: “We zijn een van de logistieke hotspots van Nederland en Noordwest-Europa. De logistiek heeft specifieke eisen bij de inzet daarvan als je kijkt naar routeplanning, laadvermogen en de flexibele inzet van voertuigen. De coalitie richt zich daarom op waterstof voor de heavy duty-voertuigen, zoals vrachtwagens. Binnen het smart logistics-programma is duurzaamheid bovendien een van de speerpunten, dus het is logisch dat we vanuit de logistiek meewerken aan waterstof in Midden-Brabant.”

Toch kijken de heren wel over de grenzen van de regio heen. Joep: “Voor de langere afstanden is waterstof een heel interessante optie, maar veel bedrijven hebben dan niet genoeg aan alleen een waterstoftankstation in Tilburg. Als er dus initiatieven plaatsvinden in bijvoorbeeld Roosendaal, Breda, Eindhoven of Den Bosch, dan zijn die voor ons ook van belang. Bovendien zetten we als voorlopers een landelijke trend. Als we het hier voor elkaar krijgen, dan kan de rest van het land daarop meeliften.”

Mijlpalen

Er staat nog geen waterstoftankstation, maar toch heeft de coalitie naar eigen zeggen al veel bereikt. Joep: “We zijn in juli 2017 begonnen met een rapport en een rondje langs bijna 40 bedrijven. Later haakten ook Stichting MOED en Midpoint Brabant aan, en inmiddels is er een coalitie met bedrijven die zich hieraan hebben gecommitteerd. Dat is goed, want hoe meer behoefte er is, hoe serieuzer je als gesprekspartner bent.”

Twan vult hem aan: “We hebben het breed aangevlogen, en dan zie je een diversiteit aan partijen in de coalitie stappen. Dat zijn intrinsiek gemotiveerde bedrijven die bereid zijn om zich te committeren en ook te investeren. Dat is belangrijk, want we zoeken mensen die mee willen duwen en sturen. Het heet niet voor niets de ‘coalition of the willing’: we weten dat het niet morgen geregeld is en dat we nog drempels tegenkomen, maar met deze partijen zoeken we wel de weg ernaartoe. ”

Langdurig proces

De drie geven toe dat het zoeken en aftasten is. Michiel: “Het is een ontwikkeling die veel tijd en geld kost, ook omdat het eigenlijk allemaal deelprojecten zijn. Denk aan waterstofbronnen, voertuigtechniek en de infrastructuur.” Joep: “We willen van alles, maar kunnen niet alles tegelijk. Gelukkig hoeven we het niet morgen te realiseren en we willen ook niet te snel gaan, want dan ga je fouten maken.”

Toch heeft dat proces volgens Twan ook voordelen: “Er zijn nog heel veel hobbels te nemen, maar we kunnen nu goed uitzoeken wat de wensen en voorwaarden zijn en wat het beste werkt. Daarmee zijn we straks ook klaar om op te schalen. Dat is de toegevoegde waarde van deze club.”

Waterstof heeft de toekomst

Hoe kijkt de coalitie naar de toekomst van waterstof in de regio? Joep is daar duidelijk over: “We hadden onszelf beloofd dat er dit jaar een waterstofstation zou staan omdat Vollenhoven 125 jaar bestaat. Dat was leuk, maar bleek niet erg realistisch. Maar de ambities die de gemeente en partijen hebben gaan zeker leiden tot een waterstoftankstation. Alleen heeft dat wat meer tijd nodig.”

Michiel: “Op de langere termijn willen we dat er tankstations in de regio staan die zonder subsidie draaien. Dat kan, als er maar genoeg voertuigen zijn. De eerste moeten van de grond komen, en dan komt de markt vanzelf los. Daarom proberen we iedereen mee te krijgen, dat is onze belangrijkste rol als coalitie.” Twan is het daar mee eens: “Als we dat voor elkaar krijgen, dan zijn we niet meer de ‘coalition of the willing’, maar de ‘coalition of the doing’.”


Fair Care bindt de strijd aan tegen fraude in de thuiszorg

Fraude in de thuiszorg is aan de orde van de dag. Het nieuwe Fair Care softwareprogramma van Horizon Internet Technologies kan dit tegengaan. Midpoint Brabant en Gate2 hebben mede aan de wieg gestaan van dit project. Fair Care is een transparant en niet eenzijdig aan te passen systeem voor het monitoren en valideren van thuiszorgdiensten op basis van contractuele afspraken. De applicatie draait op de blockchaininfrastructuur blocktracts. Tweeduizend mensen van Actief Zorg in Gilze en Rijen, Alphen-Chaam, Baarle-Nassau, Dongen en Waalwijk gaan er als eerste mee aan de slag. BN De Stem vroeg Marcel Damen van Horizon Internet Technologies en Pierre van Kleef van Midpoint Brabant en Gate2 naar hun bevindingen en verwachtingen >


Negen nieuwe uitdagingen voor mkb’ers en startups

BioVoice innovatie & business booster weer van start

Op 2 maart is de tweede ronde van het innovatie- en businessbooster programma BioVoice van start gegaan. Uitgangspunt van het BioVoice-programma is de vraag van een grootbedrijf naar een biobased of circulaire oplossing voor een bestaand probleem. Mkb’ers en startups worden uitgenodigd te reageren op deze zogenoemde challenges. In 2019 was er een eerste ronde met zeven van zulke challenges. Deze leverde een prachtig resultaat op, namelijk dertien innovatiecontracten tussen grootbedrijven en mkb’ers/startups.

BioVoice 2020: ook circulaire innovatievraagstukken
BioVoice stelt vanaf 2 maart weer zes weken lang een aantal challenges open. Dit keer zijn het er negen, van de gerenommeerde bedrijven Cargill, Dow, Cosun, SABIC, LambWeston/Meijer en Capi Europe. Nieuw deze ronde is dat er naast biobased, ook circulaire innovatievraagstukken in BioVoice zijn opgenomen. En dat het werkgebied is uitgebreid met Midden-Brabant en nu geheel Zuidwest-Nederland omvat. BioVoice is dus volop in ontwikkeling. Het doel blijft daarbij hetzelfde: nieuwe kennis en/of techniek in een stroomversnelling brengen en verwaarden. Voor een sterkere biobased- en circulaire economie in de regio.

Terugblik ronde 1
Op de zeven challenges van Cargill, Cosun en Rodenburg Biopolymers in 2019 kwamen vanuit het mkb vele reacties en bijna 50 aanmeldingen met concrete oplossingen. 19 kansrijke oplossingen werden geselecteerd voor deelname aan de BioVoice challenge weeks. Tijdens de challenge weeks leerden de deelnemers de regio(nale faciliteiten) en de bedrijven achter de innovatievraagstukken kennen. Ook namen ze deel aan werksessies en workshops, bijvoorbeeld over business modeling, financiering en IP. En ze werkten intensief samen met de challenger, om tot een kansrijke match te komen in de vorm van een innovatiecontract.

Resultaat: 13 koppels startten hun concrete samenwerking
Met het toekennen van de 13 innovatiecontracten begon het echte werk: het ontwikkelingstraject. Met het innovatiecontract als sleutel tot een uitgebreid systeem aan financiering en ondersteuning. De 13 koppels van challenger & deelnemer zijn allemaal constructief samen aan de slag. Een aantal samenwerkingen zijn de pilotfase al voorbij en nu bezig met opschaling. Een drietal aansprekende voorbeelden is te vinden op de nieuwspagina van de BioVoice website.

Deadline huidige ronde
De openstellingsperiode van de negen nieuwe challenges eindigt op donderdag 9 april. Voor die tijd kunnen geïnteresseerde mkb’ers en start-ups alle benodigde informatie vinden en hun pitch indienen op het online challengeplatform van BioVoice.

 

BioVoice

De initiatiefnemers van BioVoice zijn REWIN, Green Chemistry Campus, de provincie Noord-Brabant en Rabobank. Dockwize, Impuls Zeeland, Centre of Expertise Biobased Economy en Midpoint Brabant zijn als partner aangesloten voor de uitvoering van het programma en hebben als doel dat innovatieve ondernemers en talent in de circulaire en biobased economie meer ruimte en stem krijgen. BioVoice is mede mogelijk gemaakt door een financiële bijdrage van de Regiodeal Midden- en West-Brabant.


Tilburgse ondernemers bundelen krachten in Digital Hub

Sinds deze maand is het officieel: negen Tilburgse bedrijven - allemaal ondernemers die zich bezighouden met digitale dienstverlening voor consumenten - bundelen zich in een hub. Projectmanager Rens Vonk: “Als regio moeten we beter zichtbaar worden op het gebied van digitale dienstverlening, en met wat we te bieden hebben. Vergelijkbaar met Brainport in Eindhoven of de Zuidas in Amsterdam. Door krachten te bundelen maken we meer impact.”

De alliantie - met als werktitel ‘Digital Hub’- is van onderaf ontstaan. Dus: voor en door ondernemers. Er is geen convenant en er zijn geen verplichtingen, benadrukt Rens. “Dat is anders dan samenwerkingen waarbij de politiek leidend is. Hier zeggen we: laten we dit samen organiseren. Vanuit onze gemeenschappelijke belangen.” Welke bedrijven sluiten zich aan bij de hub? Naast Building Blocks zijn dat Boxplosive, Freshheads, Fama Volat, Crossyn, Livewall, Duodeka, Flow.ai en Basic Fit (IT-afdeling).

Hoe de samenwerking er concreet uit gaat zien, wordt het komende jaar duidelijk. “We hebben het al gehad over een hackathon waarbij we ons gezamenlijk over een klantvraag buigen, of traineeships voor jonge talenten bij verschillende bedrijven. We zien ook mogelijkheden om onze expertises gebundeld in te zetten voor grote klantprojecten, en we werken aan een gezamenlijke marketingcampagne. Voor de zomer hebben we de eerste zaken opgetuigd.”

Hoe is het idee ontstaan?

“In de Spoorzone gebeurt heel veel rond innovatie, bijvoorbeeld met Mindlabs, de LocHal en Plan-T. Maar doordat veel ontwikkelingen in Tilburg los van elkaar plaatsvinden, zijn ze voor mensen van buiten de stad en provincie onzichtbaar. De eigenaren van Building Blocks deelden hun zorgen hierover met wethouder Berend de Vries (gemeente Tilburg). Samen bedachten ze een plan om Tilburg en de omliggende regio als frontrunner op het gebied van digitale dienstverlening te positioneren. Ze kwamen op een hub of alliantie, waarin we krachten van verschillende bedrijven bundelen op één plek. Building Blocks verhuist in de laatste helft van 2020 met een aantal andere partners uit de alliantie naar Plan-T. Twee andere partners - Freshheads en LiveWall - hebben eigen kantoren op steenworp afstand van Plan-T.”

Onderaan de streep wil elk bedrijf geld verdienen. Waarom zou je je dan verenigen in zo’n hub?

“De bedrijven die nu zijn aangesloten vullen elkaar aan. We hebben allemaal een vergelijkbare cultuur en visie, maar we zitten nooit echt in elkaars vaarwater. Ieder heeft zijn eigen, specifieke expertise. En door samen te werken, hebben we veel meer te bieden dan wanneer we alles alleen aanpakken. We hebben nu het brede spectrum van digitale dienstverlening tot onze beschikking: van data-onderzoek tot en met applicaties en business solutions. Bovendien zijn we als alliantie veel beter zichtbaar voor grotere opdrachtgevers.

Ook de schaarste op de arbeidsmarkt speelt mee. Knappe koppen stromen van de universiteit nu nog te vaak meteen door naar de Randstad. Door onszelfs als alliantie te positioneren, zijn we aantrekkelijker als werkgever voor jong talent. En dan is er ook nog het schaalvoordeel. Eén bedrijf huurt niet zo snel even tweehonderd vierkante meter bij Plan-T. Een ander voorbeeld zou de aanschaf van een hypermoderne experience room kunnen zijn. Zo´n ruimte is tegenwoordig eigenlijk niet meer weg te denken is bij pitches. Die paar ton investeer je niet zo snel als individueel bedrijf, maar samen lukt dat misschien wel.”

Digital Hub ontving een subsidie van Midpoint Brabant om de samenwerkingsstructuur op te zetten. Waarom is dat belangrijk?

“Ondernemers maken altijd de afweging: als ik geld investeer, komt dat dan uiteindelijk ook weer bij me terug? Dat is in dit geval ook zo. En omdat we nog geen idee hebben wat de alliantie op zal leveren - in opdrachten, in euro’s - willen we de aangesloten ondernemers nu nog niet belasten met een geldvraag. Op deze manier kunnen we de structuur van de alliantie goed neerzetten, onafhankelijk van geld of andere randzaken.

Programmamanager Pierre van Kleef (Midpoint Brabant) speelt een belangrijke adviserende rol in dit verhaal. Tweewekelijkse spar ik met hem over wat er speelt. Voor mij onmisbaar, aangezien hij al vaker dit soort projecten heeft begeleid. Cruciaal voor een goede start van de alliantie.”

Waar staat de alliantie over vijf jaar?

“We beginnen nu pas net. Op 29 januari was de kick-off. Laten we nu eerst maar eens met een goed proof of concept komen. Dan kunnen we laten zien: dit is wat we te bieden hebben. Daar werken we de komende periode hard aan. Bij ondernemers gaat dat lekker snel. Niet wekenlang vergaderen en aan plannen werken, maar meteen aan de slag. Hit the ground running. En vanaf daar gaan we weer verder.”